Soms lees je iets op het nieuws en denk je: nee. Gewoon nee.
Je legt je telefoon weg, kijkt een beetje wezenloos voor je uit en ineens voelt het heel vreemd om vervolgens koffie te gaan zetten. Of de was op te vouwen. Of erger nog: te lachen om een filmpje waarin een kat van een stoel valt.
Want ergens anders is op datzelfde moment iemand zijn wereld kwijt.
En jij staat daar met je cappuccino. Gezellig.
Ik heb daar dus last van.
Sommige verhalen blijven onder mijn huid zitten. Beelden van geweld. Mensen die iemand verliezen. Een moeder die om haar kind schreeuwt. Dingen waarvan je achteraf denkt: had ik dit maar niet gezien.
Niet omdat ik het niet wíl weten.
Maar omdat ik daarna ook niet zo goed weet waar ik het moet laten.
Je kunt moeilijk even aanbellen bij de ellende van de wereld en zeggen: “Hoi, ik kom dit verdriet terugbrengen, want ik moet nog werken.”
Dus draag je het een tijdje mee.
En dan gebeurt er iets geks.
Je hoort muziek.
Je moet om iets lachen.
Je hebt zin in iets lekkers.
Of je merkt ineens dat je gewoon een prima dag hebt.
En daar komt-ie. Dat kleine irritante stemmetje: mag dat eigenlijk wel?
Mag je dansen als ergens oorlog is?
Mag je luid lachen terwijl iemand anders vandaag slecht nieuws heeft gekregen?
Mag je drie minuten compleet opgaan in een baslijn terwijl de wereld op sommige plekken werkelijk verschrikkelijk is?
Ik denk inmiddels: ja.
Sterker nog, ik denk dat het moet.
Niet omdat het leed er niet toe doet. Juist niet.
Maar omdat jezelf óók het licht ontzeggen niemand helpt.
Dat zinnetje bleef bij me hangen.
Want misschien hoeven we niet altijd meteen “door”. Misschien hoeven we ook niet te doen alsof iets ons niets doet.
Maar we hoeven er ook niet naast te gaan liggen.
Soms mag je gewoon zeggen: dit raakt me. Dit vind ik verschrikkelijk. Ik wou dat ik iets kon doen.
En daarna? Daarna mag de muziek aan.
Ik heb daar inmiddels een nummer voor.
Niet omdat een liedje de wereld repareert. Was het maar zo makkelijk. Dan had ik inmiddels een playlist van 47 uur en waren we klaar.
Maar muziek kan wel iets anders.
Even een deur dichtdoen.
Even ademhalen.
Even drie minuten lang niet alles tegelijk voelen.
Niet de schaduw wegduwen, maar ruimte maken voor één klein beetje licht.
Misschien is dat het wel. Geen groot antwoord. Gewoon één spark.
Een lied. Een wandeling. Een koffie in de zon. Iemand die je aan het lachen maakt terwijl je eigenlijk vond dat je nog even serieus moest blijven.
En misschien moeten we ons daar helemaal niet schuldig over voelen.
Want medeleven betekent niet dat je verplicht bent om zelf ook voortdurend pijn te hebben.
Je mag geraakt zijn én daarna weer leven.
Je mag verdrietig zijn én vijf minuten later dansen.
Je mag weten dat de wereld soms donker is en toch het licht aandoen.
Sterker nog. Misschien is dat juist de bedoeling.
Dus als de wereld de volgende keer iets te hard binnenkomt, zet ik mijn telefoon weg.
En de muziek aan.
Niet omdat het me niets kan schelen.
Maar omdat het me juist wél iets kan schelen.
En omdat ik daarna ook weer terug moet naar mijn eigen leven.
Met koffie. Uiteraard.